het inspreken van een non-fictie luisterboek.
Begin maart ben ik begonnen met het inspreken van mijn eerste non-fictie luisterboek. Het boek is al in 2012 gepubliceerd maar gek genoeg nog zeer actueel. Het gaat over stemmers op die ene populaire politieke partij. En ik heb gemerkt dat het inspreken van non-fictie een geheel nieuwe uitdaging met zich meebrengt: tongbrekers!

Elke week zit ik een paar uur in de studio bij #Dedicon en spreek ik zo’n 50 pagina’s in. Non-fictie gaat meestal iets minder snel omdat de teksten complexer zijn en veel informatie bevatten.
nieuwe uitdagingen als voorlezer.
De uitdaging zit niet zozeer in de inhoud want die vind ik interessant om voor te lezen. Nee het zit hem met name in de vorm. Want waar ik in iedere alinea, bijna in iedere zin zelfs, mee te maken heb zijn allerlei tongbrekers en andere struikel-gevaren. Het zijn erg lange zinnen met een hoge informatiedichtheid. Met veel moeilijke woorden, die ik soms moet opzoeken om te weten wat ze precies betekenen. Ook staan er erg veel bronvermeldingen in de tekst verwerkt: namen van (internationale) onderzoekers en publicisten met het jaartal van hun publicatie. Hoe spreek ik dit in zonder steeds maar weer te struikelen?
balanceren tussen inspanning en ontspanning.
De oplossing is zowel makkelijk als moeilijk, want ik moet mij tegelijkertijd ontspannen en inspannen. Een echte balanceer-act dus. Het is in goed Nederlands een ‘state of mind’ die je even moet vinden. Ik concentreer me op de tekst maar ook weer niet teveel. Ik focus maar probeer tegelijk mijzelf te ontspannen. Mijn ogen kijken enkele woorden vooruit terwijl ik inspreek maar niet zover dat ik de draad kwijtraak. Zorgvuldig zoek ik een weg door de zinnen en kijk ik op welke woorden ik de nadruk leg om de tekst begrijpelijk over te brengen. Tegelijk moet ik erop letten dat ik levendig genoeg klink om aangenaam naar te luisteren. Het moet immers goed navolgbaar zijn voor de luisteraar.
lachen om mijn eigen fouten.
Dit lukt mij natuurlijk niet altijd en zeker niet gedurende de hele inspreek sessie. Soms struikel ik letterlijk door de pagina’s heen en ik heb zelf erg veel lol in mijn spreekfouten. Bijna jammer dat ik ze moet corrigeren, het zou leuk zijn om nog eens naar te luisteren.
Heb je een complex non-fictie audioproject? Neem contact met me op, ik spreek het graag voor je in.
